De eerste voorbereiding op de winter

Het varen gaat tijdens de winter gewoon door. In de mate van het mogelijke uiteraard. Bevroren wateren geven altijd wat problemen.
Hoewel het nog lang geen winter is, kom ik nu al in aanraking met de eerste voorbereidingen.
Het eerste struikelblok is: "licht". In de winter vaar ik bijna 80 tot 90 % van de tijd in het donker. Maar het varen in het donker begint nu al. 's Avonds wordt het donker rond 21u15. Tijdens een 2 uren training vaar ik dus ruim 45 minuten zonder daglicht (je mag er vanuit gaan dat ik meestal rond 20u00 vertrek).
Volgens de wet moet een kano een wit in het rond schijnend licht voeren. Om min of meer aan deze eis te voldoen, draag ik een wit licht op mijn rechterschouder (waarom rechts? geen idee).

Er is maar 1 nadeel: het is een knipperlicht. En volgens mij is dat niet helemaal wat de wet voorschrijft.

Maar langs de andere kant werkt het wel goed. Als ik langs kom varen, zie ik de verkeerborden op de weg allemaal reflecteren door mijn lampje. Vaak tot op een paar honderd meter afstand.
Vorige winter (toen maakte ik nog gebruik van mijn stabielere 50€-kajak) bleef mijn verlichting beperkt tot dit knipperlicht. Langs de oevers branden over het algemeen voldoende lichtjes om mij goed te oriënteren.
Varen in het donker is een andere ervaring dan varen bij daglicht. Het varen gaat meer op het gevoel. Waar en wanneer stop ik mijn blad in het water? Hoe reageer ik op golfslag? Door het beperkt zicht ben je verplicht om dit meer te voelen.
Bij het gebruik van mijn 50€-kajak vormde dit geen probleem. Maar vorige week, tijdens mijn eerste echt donkere sessie met mijn Supersonic, was dat toch een ander verhaal.
Mijn Supersonic is behoorlijk instabiel. En blijkbaar heb ik nog onvoldoende ervaring om het geheel volledig te voelen. Door de duisternis werd ik onzeker over mijn peddelslag. Er was maar één manier om die onzekerheid weg te nemen en dat was het tempo drukken. Minder hard varen zodat ik het geheel beter op mijn gevoel kan inschatten.
Maar dat is natuurlijk niet de bedoeling van een training.
Als ik mijn kajak kan verlichten, zodat ik het water in een straal van ongeveer 1 meter kan zien, heb ik voldoende houvast om aan een normaal tempo te peddelen. Als ik mijn peddel(bladen) kan zien en ik zie waar ik ze in het water (kan) stoppen, weet ik voldoende om ongestoord te kunnen varen.
Dus ben ik aan de slag gegaan met 2 kleine zaklampjes, LED verlichting, op mijn kajak.
Ik heb ze met duck-tape naast de kuip geplakt. Zodoende schijnen ze niet in mijn ogen en verlichten het water voor mij (rondom de kajak).

Het effect was ronduit "cool". Dat witte LED-licht wat vlak over het water scheen. Plus het bovendek wat enigszins verlicht werd. De druppels op het bovendek kregen een blauwachtig schijn over zich heen. Het zag er gelikt uit.
Alleen het effect is nog niet helemaal zoals ik het wil. De lampjes hangen nu zeer laag boven het water. Een aantal maal kreeg ik de indruk dat ze zelfs water schepte (zeker bij hogere snelheden). Maar ik heb het niet echt kunnen vaststellen.
Ook mijn peddel(bladen) blijven onvoldoende verlicht bij het insteken. ik had het net iets meer willen hebben.
Volgende keer ga ik experimenten met de zaklampjes op het bovendek geplakt, vlak voor de kuip. en dan enigszins naar buiten en naar beneden gericht, zodat echt het insteekveld voor mijn peddel verlicht is.
Proberen maar weer.

Permalink 28-08-08 15:49:56, by Ben Email , 592 words, Categories: Materiaal ,

Voeten probleem.

Ik heb het probleem reeds beschreven in mijn post over de ronde van Antwerpen.

Ter visualitatie zet ik er een plaatje van mijn voetsteun bij.

Grootste probleem tot hiertoe zijn mijn voeten! Ergens wist ik het al wel, maar dat het probleem zulke proporties zou aannemen. Nee, dat had ik niet verwacht. Mijn K1 is smal. Heel smal. Zelfs zo smal dat ik nauwelijks mijn twee voeten naast elkaar tegen mijn voetsteun aan kan zetten. Uiteraard lukt dat wel, maar…. De buitenkanten van mijn voeten komen tegen de geleider waarop mijn voetsteun rust. De binnenkanten sluiten nauw rond de stuurstang van mijn roer. De bovenkanten van mijn voeten druk ik afwisselend tegen mijn pullbar en de onderkant afwisselend tegen de voetsteun zelf. Mijn voeten bewegen continue (ten gevolge van de “leg drive”) en alle raakvlakken schuren kapot. Ik draag geen schoenen omdat alles te krap is qua afmetingen. Preventief tape ik mijn voeten in en draag sokken, maar voor vandaag is dat onvoldoende gebleken. De zijkanten gaan nog enigszins, daar kan ik de tape goed bevestigen. Maar de boven- en onderkant… dat is desastreus. Bovenaan zitten twee rauwe plekken van de pullbar en op de zool van mijn voeten staan twee grote blaren van de voetsteun. Het probleem is duidelijk. Ik moet voor de toekomst op zoek naar een oplossing. Ik ben niet van plan om altijd met zulke gehavende voeten rond te lopen.

Ik heb het probleem sindsdien nog niet besproken in een post, maar ik heb al wel stevig aan de oplossing gewerkt.

Er is maar 1 antwoord om het probleem structureel op te lossen.
Schoenen dragen!

Ik heb aardig wat web-sites en winkels bezocht op zoek naar schoenen die dun en soepel zijn. Zodat ik er gemakkelijk mee in mijn K1 kan zitten. Het antwoord diende zich al vrij snel aan in de vorm van de Vibram fivefingers (info: www.fivefingers.nl of www.vibramfivefingers.com.

De fivefingers zijn geen schoenen maar ook geen sokken. De Vibram FiveFingers zijn schoenen die je het gevoel geven dat je op blote voeten loopt, zonder dat je bang hoeft te zijn om je te snijden aan scherpe voorwerpen of je tenen te stoten. (Bron: fivefingers.nl)
Mij gaat het er persoonlijk om dat ze dun en soepel zijn. Ze kosten wel een paar centen (bijna 100 € bij Beversport). Gelukkig heb ik met mijn verjaardag links en rechts wat geld toegeschoven gekregen.

Ik heb ze thuis een aantal keren ingelopen. Het is toch even wennen, al je tenen apart ingepakt. Maar na verloop van tijd zitten de Fivefingers echt lekker en lopen soepel. Het is een aangename ervaring. Er is maar 1 nadeel. Ze zijn blauw en passen dus absoluut niet onder enige vorm van deftige kledij. Ik gebruik ze dan ook enkel en alleen om te varen.
Een keer ben ik op, weg naar een training, gestopt bij de supermarkt om nog een paar inkopen te doen. Ik werd langs alle kanten bekeken en aangestaard.

Een eerste proefvaart met mijn fivefingers werd uiteraard een kleine ramp. Ik wist het wel, maar ik moest het eerst aan den lijve ondervinden. Ik had voordien al geen ruimte om mijn voeten te plaatsen, dus nu helemaal niet meer.

Mijn kleine teen liep vast tegen de bevestigingsbout van de pullbar. Ik kon mijn voeten niet meer volledig onder de pullbar schuiven. De bevestigingsbouten staan te dicht tegen elkaar.
De zool van de fivefingers is antislip. Deze zool staat bij de grote teen omhooggekruld, net op het punt waar de zijkant van mijn voet contact maakt met de stuurstang. Dat contact verloopt zeer stroef (goeie antislip), hierdoor schuurde ik alsnog mijn voeten stuk (aan de binnekant van mijn fivefingers).


De grijze verkleuring wordt veroorzaakt door het contact met de stuurstang.

Tijd voor nog een paar aanpassingen!
Het probleem is nog altijd tweeledig.
Ik moet meer ruimte crëeren zodat mijn voeten terug volledig onder de pullbar passen.
Het contact tussen mijn fivefingers en de stuurstang moet soepeler verlopen.

Oplossing 1: De bevestigingsbouten van de pullbar verder uit elkaar zetten.
Probleem hierbij is dat de voetsteun niet breder is. Ik het de huidige pullbar verwijdert. De voetplaat voorzien van 2 RVS vleugeltjes en een nieuwe (bredere) pullbar met langere bevestigingsbouten op de RVS vleugeltjes gemonteerd. Het geheel is nu breder en mijn voeten + fivefingers passen hier nu zonder problemen tussen. Ik moet de pullbar alleen nog voorzien van een nieuwe schuimrubber, want de huidige is al stevig kapot getrokken.

Oplossing 2: Mijn ideeën gingen in eerste instantie naar het afschuren van de zool op het contactpunt. Maar dat leek mij nogal drastisch en zonde van mijn fivefingers.
Ik heb gedacht aan het intapen van de stuurstang. Maar of dat het gewenste effect bereikt, is twijfelachtig.
Uiteindelijk bleek de oplossing eenvoudig. Wat doe je met voorwerpen die niet soepel over elkaar willen glijden? Smeren!
Ik heb mijn stuurstang en het raakvlak met mijn fivefingers ingesmeert met een beetje siliconenvet. Werkt perfect, glijdt lekker soepel nu.
Na een kleine 100 km varen voelde ik de weerstand lichtjes toenemen. Nieuw druppeltje siliconenvet. Het loop weer als "gesmeerd".

Besluit: Voeten probleem. Problem solved!!

Permalink 28-08-08 15:47:43, by Ben Email , 847 words, Categories: Materiaal ,

KV Jason; Krommenie. 16-8-2008

Afgelopen zaterdag was de "Sluis tot sluis tocht" van de kanovereniging Jason te Krommenie. Traditiegetrouw nemen mijn ouders altijd deel aan deze tocht. Samen met mijn twee oudste kinderen hebben wij hen een bezoekje gebracht op zaterdagmiddag.
Niet alleen mijn ouders maar ook meerdere leden van KNRS (Koninklijke Nielse Rupelsneppen; www.knrs.be), de Belgische club waarvoor ik uit kom in de marathons, waren op de tocht afgekomen. Een prima gelegenheid om al die gezichten nog eens te zien.

Met een geleende canadees zijn we hen de laatste kilometers tegemoet gevaren. Bij aankomst werden er uiteraard wat plaatjes geschoten en heeft mijn oudste zoon in een “bambino” nog een klein rondje gevaren met mijn vader.

Meer info over KV Jason te Krommenie en over de “Sluis tot sluis tocht” is te vinden op: www.kvjason.nl.

Permalink 20-08-08 09:01:46, by Ben Email , 136 words, Categories: Tochten-Rallye ,

Een dochter!! Xenna.

De regelmatige lezer van mijn kajaklog heeft al uit meerdere posten kunnen opmaken dat wij thuis een babytje verwachten.

Gisteren was dan de grote dag. Onze dochter heet Xenna en is op 21 juli 2008 om 14u53 geboren. Ze weegt 4,515 kg en is 51 cm.

Het heeft niks met kajakvaren te maken maar ik vind het belangrijk om te vermelden.

Permalink 22-07-08 21:52:42, by Ben Email , 57 words, Categories: Algemeen ,

Avondmarathon KV Trekvogels, 26-06-2008

Avondmarathon bij de Trekvogels te Haarlem.
Een thuiswedstrijd. Maar geen vlekkeloze.

Veel wind en dus golven op het Spaarne. Bij aanvang was ik goed mee weg. Ik zat gelijk op mijn plaats. De snelle jongens voor mij. Mijn rechtstreekse concurrenten achter mij.
Het Spaarne over, dat verliep onregelmatig, door de golfslag. Eenmaal de Droste fabriek voorbij werden de golven minder. Daarna het bolwerk op. Vanaf hier glad water. Maar ik kwam niet goed in het ritme. Ik kon mijn rust niet vinden en bleef de hele tijd "kwakkelen". Op het bolwerk kon ik mijn tegenstanders nog enigszins op afstand houden, maar eenmaal op de Leidse vaart werd ik gepasseerd. Nog een beetje geprobeerd om aan te klampen, maar ik zat te onrustig om ook maar een beetje te presteren.

Permalink 30-06-08 08:46:58, by Ben Email , 129 words, Categories: Avondmarathon ,

Avondmarathon RCC, 19-06-2008

Avondmarathon te Rotterdam bij RCC.
3 rondjes over de Kralingse plas.

De uitslag! Zoals je ziet ben ik nummer 1. Maar ik was dan ook de enige in de "Senior" klasse. Als ik mijn resultaat tussen dat van de "Veteranen" zou zetten, kom ik op nummer 7 uit.

Niet slecht. Eigenlijk zelfs heel goed.
Op de helft van de parcours stonden stevige golven. Eerst schuin langs achteren. Na de bocht, schuin langs voren.
Ik heb er zeker eentje zien zwemmen en naar ik vernam later nog twee. Dan schuif je dus al gelijk een paar plekken naar voren in de rangschikking (als je rechtop blijft). Ook een aantal deelnemers die in principe voor mij eindigen, werden nu (dankzij de golfslag) door mij geklopt.

Zo zie je maar dat al dat ploeteren op het Spaarne, tussen de pleziervaart, in dergelijk situaties zijn vruchten afwerpt. Maar toch.... het zou nog sneller moeten.
Vlak voor mij eindigde iemand die ik normaal gesproken vlot voorbijsteek, maar nu niet.
Hij start sneller en na ca. 1,5 tot 2 km steek ik hem meestal voorbij. Nu kwamen we echter in de golfslag terecht en hij ging onmiddellijk meters van mij weg. In het rustige gedeelte liep ik zeer vlot op hem in en kwam zelfs langszij. Maar bij het volgende rondje golfslag moest ik weer terrein inleveren. En dan heb ik niet over 5 of 10 meter.

Permalink 20-06-08 08:52:22, by Ben Email , 224 words, Categories: Avondmarathon ,

Avondmarathon KV Viking, 4-06-2008

Tekst en uitleg volgen nog. Deze week te druk om uitgebreid te schrijven (avondvierdaagse wandelen met mijn oudste zoon). Maar bij deze alvast de uitslag.

Permalink 05-06-08 08:31:42, by Ben Email , 25 words, Categories: Avondmarathon ,

De ronde van Antwerpen, 1-06-2008

Gestart om 7u24.
Het eerste overdraagpunt is de sluis in Wijnegem na een kleine 3 km. Tot daar een spiegelglad Albertkanaal, prima om er even in te komen. Even wennen aan het idee dat deze positie, het stoeltje waar ik nu op zit, mijn thuis wordt voor de komende 75 km. Voor de rest van de dag zeg maar.

Tijdens het rondje Haarlem ging ik gemiddeld 10,7 km/u. Ik ga ervan uit dat ik dit gemiddelde ook tijdens de ronde zal kunnen handhaven. Zeker op de eerste 15 km Albertkanaal gaat dat lukken. Op de Schelde, Rupel en Nete moet ik daar ruimschoots bovenuit komen, door de stroming. Zodoende bouw ik wat reserve op en kan ik op het Netekanaal en het laatste stuk Albertkanaal daar behoorlijk onder zitten want tegen die tijd zal mijn pijp wel bijna uit zijn.
72.5 km (de ronde is geen volle 75 km) aan 10,7 km/u gemiddeld = 6 uur & 45 minuten. Ben benieuwd of dat gaat lukken.

3 km tot aan de sluis. Spiegelglad. Lekker om op te starten. Vlotte overdraag. AKKC plaatst altijd trappen en steigers op de plaatsen waar nodig.

Wijnegem. 3km. Zicht vanaf de sluis richting het vertrekpunt in Oelegem.

Wijnegem. 3km. Zicht vanaf de sluis richting het vertrekpunt in Oelegem.

Wijnegem. 3km. Het eerste overdraagpunt aan de sluis van Wijnegem.

Na de sluis liggen 2 Zodiacs te wachten. Die gaan ons gedurende de tocht begeleiden. Die kerels zijn enthousiast bij het zien van de eerste kajakker (ik in dit geval) en zetten gelijk hun motoren op vol vermogen en stuiven weg. Controleren of er voor ons “gevaarlijke” schepen op het Albertkanaal zijn.
Daarbij laten ze stevige golven en woeste baren achter. Op het kanaal, tussen rechte muren, blijven die dingen eindeloos heen en weer klotsen. Daar gaat mijn strakke snelheid.
“Ploeteren zult gij de komende kilometers, om rechtop te blijven. Vergeet dat vlotte peddelen maar. Zweten zult gij, tot de laatste druppel, om heelhuids in Antwerpen te geraken.”

Gelukkig, een goeie 2 km verderop liggen de Zodiacs te wachten en vanaf daar verdwijnen de golven als sneeuw voor de zon. Tot aan de sluis in Antwerpen kan ik lekker vlot doorvaren, maar mijn gemiddelde snelheid is er aan. Die blijft steken op 9,7 km/u, ondanks het feit dat ik voor en na de golven bijna altijd boven de 11 km/u ben blijven varen.

In Antwerpen: Soep! Daar zie ik veel bekende gezichten langs komen. Mensen die ik vanochtend bij de start niet gezien heb, maar ook mensen die zich nu bij de groep voegen en maar een stuk van de ronde meevaren. In Antwerpen moet je altijd wachten op de groep. Varen op de Schelde wordt door de politie enkel toegestaan aan de linkeroever. Het oversteken van de Schelde gebeurt dan ook altijd gezamenlijk en onder begeleiding van de politie.

Antwerpen. 13,5 km. Soep aan het tweede overdraagpunt.

Antwerpen. 13,5 km. Het overdragen in de Schelde.

Antwerpen. 13,5 km. Het overdragen in de Schelde.

Antwerpen. 13,5 km. Het overdragen in de Schelde.

Antwerpen. 13,5 km. Wachten op toestemming van de politie om de Schelde over te steken.

Antwerpen. 13,5 km. Wachten op toestemming van de politie om de Schelde over te steken.

Antwerpen. 13,5 km. Oversteken van de Schelde onder politie-begeleiding.

Ruim na 10 uur worden we gelost. De aanval op de Schelde begint. Het is nevelig, windstil en ook de Schelde ligt er spiegelglad bij. De snelheid loopt op. Met pieken boven de 14 km/u en een enkele keer zelfs boven de 15. Het gemiddelde op dit traject komt op 13,02 km/u en het daggemiddelde loopt daarmee op tot 11,4 km/u. Ruim boven de 10,7 die graag wil halen voor deze dag.

Antwerpen. 14 km. De Schelde met een nevelig Antwerpen op de achtergrond.

Burcht. 20 km. De Schelde ter hoogte van Burcht.

Burcht. 20 km. De Schelde ter hoogte van Burcht.

Hemiksem. 29 km. De Schelde oversteken naar de monding van de Rupel.
Op de achtergrond de elektriciteitscentrale “Den Escaut”.

1 uur en 26 minuten later ben ik dan ook in Niel, waar mijn ouders mij staan op te wachten met de lunch. Ondanks de hogere snelheid en het vlakke water blijft het lastig varen op de Schelde. De stroming oefent duidelijk zijn krachten uit en meer dan eens moet ik mijn snelheid laten teruglopen en overgaan in een peddelsteun.

Niel. 32,5 km. De Rupel, aankomst te Niel.

Niel. 32,5 km. Uitstappen voor de lunch.

Niel. 32,5 km. Uistappen voor de lunch.

Ik besluit om mijn boterhammen op te eten en daarna vrijwel onmiddellijk terug te vertrekken. Volgend traject is tot Lier over de Rupel en de Nete. Ik heb hoop en al 45 minuten stil gezeten, maar bij het vertrek voel ik onmiddellijk de kilometers.

Duffel. 49 km. De Nete ter hoogte van Duffel.

Duffel. 49 km. De Nete ter hoogte van Duffel.

Duffel. 49 km. De Nete ter hoogte van Duffel.

Tot Lier (op 53 km van het totaal) vaar ik 1u42min. Gemiddeld 11,85 km/u. Dat is nog altijd stevig, gezien de kilometers die ik achter de rug heb en het feit dat de stroming steeds minder wordt. Maar ik ben blij dat ik Lier gehaald heb. Het scherp is van de snee. De zaak draait nog goed, maar ik ben niet meer zo fit als vanochtend.
Desondanks is mijn daggemiddelde verder opgelopen tot 11,54 km/u.

Lier. 53 km. De Nete, uitstappen om over te dragen in het Netekanaal.

Aan de oever van het Netekanaal leg ik mij een kwartiertje te rusten. Even het thuisfront inlichten over mijn vorderingen (lang leve de GSM) en de feiten tot hier toe op een rij zetten.

Lier. 53 km. Het overdraagpunt van de Nete in het Netekanaal.

Lier. 53 km. Het overdraagpunt van de Nete in het Netekanaal.

53 km gevaren. Ik begin nu een vorm van vermoeidheid te voelen.
Mijn Camelbak hindert niet of nauwelijks tijdens het varen. Zelfs niet als hij bijna volledig gevuld is. Als ik in mijn boot zit heb ik licht opgetrokken knieën en leun een beetje naar voren om goed te kunnen peddelen. Blijkbaar is dat voldoende om het trekkende effect van de zak te compenseren. Of ik heb er onvoldoende op gelet. Maar goed, het heeft mij zeker niet gestoord.
Er is eigenlijk maar 1 probleem wat betreft drinken. Ik moet mezelf dwingen om te drinken. Ik moet regelmatig bewust die slang in mijn mond stoppen en drinken. Tussen Antwerpen en Niel heb ik dat niet (voldoende) gedaan. En volgens mij draag ik daar nu de gevolgen van.
Mijn buideltasje, met daarin Mueslirepen en “Fruitkick” koeken, werkt ook prima. Tijdens het varen kan ik met 1 hand in het zakje glijden. Een reep nemen, 1 of 2 happen van nemen en de rest terugstoppen. Maar ook hier geldt dat ik mezelf moet dwingen om te eten. Meer nog dan om te drinken. Eten tijdens het varen (tijdens een inspanning) staat mij gewoon tegen. Ik vind het niet lekker. Die mueslirepen gaan nog enigszins, maar de “Fruitkick” koeken gooi ik weg. Ze smaken absoluut niet (terwijl ik ze thuis toch gewoon naar binnen kan werken zonder enig probleem).
Eten en drinken is voor mij een aandachtspunt. Camelbak en buideltas werken prima. Niks op aan te merken. Maar ik moet mezelf aanzetten tot het gebruik ervan.

Grootste probleem tot hiertoe zijn mijn voeten! Ergens wist ik het al wel, maar dat het probleem zulke proporties zou aannemen. Nee, dat had ik niet verwacht.
Mijn K1 is smal. Heel smal. Zelfs zo smal dat ik nauwelijks mijn twee voeten naast elkaar tegen mijn voetsteun aan kan zetten. Uiteraard lukt dat wel, maar…. De buitenkanten van mijn voeten komen tegen de geleider waarop mijn voetsteun rust. De binnenkanten sluiten nauw rond de stuurstang van mijn roer. De bovenkanten van mijn voeten druk ik afwisselend tegen mijn pullbar en de onderkant afwisselend tegen de voetsteun zelf. Mijn voeten bewegen continue (ten gevolge van de “leg drive”) en alle raakvlakken schuren kapot. Ik draag geen schoenen omdat alles te krap is qua afmetingen. Preventief tape ik mijn voeten in en draag sokken, maar voor vandaag is dat onvoldoende gebleken. De zijkanten gaan nog enigszins, daar kan ik de tape goed bevestigen. Maar de boven- en onderkant… dat is desastreus. Bovenaan zitten twee rauwe plekken van de pullbar en op de zool van mijn voeten staan twee grote blaren van de voetsteun.
Het probleem is duidelijk. Ik moet voor de toekomst op zoek naar een oplossing. Ik ben niet van plan om altijd met zulke gehavende voeten rond te lopen.
Vandaag beperkt de oplossing zich tot tape! Ik tape mijn voeten verder in. Plak alle blaren zo goed mogelijk af en stap terug in. Tijd om te vertrekken.

Het Neteknaal tot Viersel. 12,5 km. Gemiddeld 10,1 km/u. Het scherp is echt van de snee. Ik draai mijn paddel nog goed rond, maar de echte souplesse is er uit. Dat had ik eigenlijk ook wel verwacht, dus maak ik mij er niet te druk in. Ik vaar nog altijd 10 km/u en dat wil zeggen dat ik binnen dit en twee terug in Oelegem zal zijn. Het Netekanaal is hoofdzakelijk recht. Heel recht. Die brug ginds in de verte, ligt ruim 3 kilometer van hier het lijkt dan ook een eeuwigheid te duren vooraleer ik er onderdoor vaar.

Viersel. Eindelijk. De teller staat op 65 km. En de klok op 5 u 48 min.
De laatste 8 kilometer op het Albertkanaal, aan 10 km/u = 48 min.
5u48 + 48 min = 6 u 36 min. Het ziet er naar uit dat ik de verwachte 6 u 45 min ga halen.
Maar…. Het Albertkanaal te Viersel wordt bewoond door 2 speedboot- en jetskiclubs. En deze clubs bruisen van de activiteit deze middag. Het Albertkanaal is één grote klotsbak. Daar waren de Zodiac golfjes van vanochtend niks tegen. Het ziet er niet naar uit dat die clubs hun speeltuin snel zullen verlaten en ik besluit om niet in te stappen.
Mijn K1-stabiliteit is nog te onzeker voor dit soort spektakel. Bovendien heb ik er net 65 km opzitten en voel mij niet aangetrokken tot een zwempartij. Dat zwemmen is nog niks (ik heb een goeie zwemvest). Maar zie je (pas aangeschafte en) half ondergelopen materiaal maar eens uit het kanaal te krijgen (zonder al te veel beschadigingen). Bovendien heb je geen enkele garantie dat het tot 1 zwembeurt beperkt blijft. De klotsbak is een paar kilometer lang. Nee, dat is niks voor mij (althans; niet nu).
Ik stop mijn peddel in mijn boot en leggen deze vervolgens op mijn schouder. Het plan is simpel. Oelegem is linksaf, nog 8 kilometer, en dat precies waar ik nu naar toe ga. Gelukkig zijn mijn voeten stevig ingetapet. Wandelen is op zich niet zo’n probleem.
Tijdens het wandelen krijg ik vreemde blikken van fietsers en wandelaars. Een paar keer krijg ik zelfs commentaar van ongeduldige fietsers en wielertoeristen. Dat ik op het water moet blijven “met dat ding”. Tja, nu moeten ze even remmen, kijken of er geen tegenligger op de dijk fietst en mij voorbij steken. Sommige mensen kunnen blijkbaar weinig begrip opbrengen voor een ander zijn situatie.
Ik leg het commentaar maar naast mij neer en wandel gestaag verder. Ondertussen hou ik het kanaal en de golven nauwlettend in het oog. Van zodra ik de indruk krijg dat de “het wel te doen is” maak ik aanstalten om terug in te stappen.
Volgens mijn GPS heb ik op dat moment toch al ruim 4,5 km gewandeld.
Het laatste stukje te aan de club van AKKC verloopt vlot en om halfzes leg ik aan bij de club. Mijn GPS geeft 7u 03 min aan. De beoogde 6 u 45 minuten heb ik dus niet gehaald.

Conclusie van de dag: Eten en drinken met behulp van Camelbak en buideltas werken prima. Dringend op zoek naar een oplossing voor mijn voeten. Veel varen zodat mijn stabiliteit kan groeien. Veel varen zodat ook mijn uithoudingsvermogen verder kan groeien.

Permalink 02-06-08 08:47:37, by Ben Email , 1932 words, Categories: Tochten-Rallye ,

<< 1 2 3 4 5 6 >>