De volgende stap.
Een week geleden is het alweer, mijn eerste Avondmarathon. Het nagenieten is van korte duur. Het volgende item op mijn kalender staat gepland voor 1 juni en de afgelopen week heb ik mij daar volledig op gefocust.
1 juni. De ronde van Antwerpen. 75 km lang. Een toertocht welke ik wil gebruiken om mijn uithoudingsvermogen en materiaal te testen. Als ik in de toekomst wil deelnemen aan “long distance races”, moet ik goed voorbereid aan de start verschijnen. Moet mijn materiaal volledig afgestemd zijn op mijn eisen en wensen.
Ik vaar 3 tot 4 keer in de week. Over het algemeen zijn dat beperkte afstanden. ’s Ochtends een half uurtje. ’s Avonds een uur of hooguit anderhalf. Maar (tot hiertoe) nooit lange stukken van meerdere uren. Afgelopen zondag heb ik voor het eerst “het rondje Haarlem” gevaren met mijn Supersonic.
Er was veel wind en een behoorlijke golfslag op het Spaarne ter hoogte van de club en op de Mooie Nel. Met een paar keer oversteken kon ik redelijk beschut onder de oever blijven varen en had ik niet echt last van de golfslag. Daar waar ik er toch doorheen moest (om over te steken), viel dat niet tegen. Een natuurlijke, regelmatige golfslag is veel gemakkelijker te verwerken dan een onregelmatig deinende beweging. Dat geeft mij al enig vertrouwen voor “De ronde” van komend weekend. De Schelde kan er soms ook vies bijliggen als er wat wind staat.
Eens de Mooie Nel over, wordt het water veel smaller en krijgt de wind nauwelijks grip. Einde golfslag dus. Het rondje Haarlem is 20 km en dat kon ik netjes afronden in 1 uur en 52 minuten. Gemiddeld 10,7 km/u. Niet slecht, ondanks een zeer langzame start door de golfslag.
Ik heb met opzet het tempo gedrukt en mijn paddelbeweging zo vloeiend mogelijk gemaakt, toch kwam ik qua snelheid regelmatig boven de 11,3 en soms zelfs boven 11,6 km/u uit.
Ik heb de hele tijd goed kunnen varen. Nooit het gevoel gehad dat ik mijzelf (te veel) pijn deed. Behalve in het laatste kwartier. De achterkant van mijn rechter bovenbeen werd stram. Een gevolg van de “Leg drive” (het afwisselend druk zetten op de voetplaat. Bron: fit2paddle.com “Leg drive every stroke! Your leg push really initiates each stroke. No push and you lose all the power of your legs and hips, even if you're getting good rotation otherwise. A good paddler looks like a cyclist with tiny peddles”). Een tip die ik zeer nadrukkelijk opvolg maar waarvan ik ook de gevolgen draag. Tijdens “de Ronde” zal ik mijn leg drive goed moeten opvolgen en proberen niet te overbelasten.
Tijdens “de Ronde” zal ik ook mijn materiaal testen.
Ik heb een Camelbak gekocht met een inhoud van 3 liter (lees 3 kg). Deze heb ik afgelopen week op de rugzijde van mijn zwemvest bevestigd, zoals een rugzak.

Met behulp van de Camelbak kan ik tijdens het varen drinken zonder mijn handen te gebruiken. Er is maar 1 nadeel. Er hangt continue 3 kg doodgewicht aan je zwemvest. Een goede rugzak trek je dicht tegen je rug aan. Zodoende moet je niet continue voorover leunen. Tussen mijn rug en de Camelbak zit circa 3 tot 4 cm zwemvest. Het trekkend effect vergroot dus.
“De Ronde” zal dus moeten aanwijzen of deze opzet werkt.
Enig voordeel is misschien dat de massa gaandeweg de tocht zal verkleinen. Een tweede optie is om de zak maar gedeeltelijk te vullen. Tijdens de rustpauzes in Niel en in Lier kan ik de zak terug bijvullen.
Momenteel werk ik nog aan een klein buideltasje. Deze wil ik eveneens bevestigen aan mijn zwemvest. Het buideltasje wil ik vullen met hapklare snacks. Mueslirepen, chocolade, etc.
Tijdens het varen kan ik dan regelmatig iets pakken en in mijn mond stoppen. Uiteraard zal ik de mueslirepen moeten uitpakken voor dat ik ze in het zakje stop, want tijdens het varen gaat dat niet lukken. Mijn K1 is daarvoor te instabiel.
Het zakje bijvullen kan in Niel en Lier. Er zit nog een waterdichte tas in mijn K1 met een voorraad eten, maar daar kan ik tijdens het varen zelf niet bij.
“De ronde” zelf is 75 km lang en loopt vanaf Oelegem, aan het Albertkanaal, naar Antwerpen. Daar wordt overgelegd in de Schelde. Vanaf hier stromend water. Via de Schelde naar de Rupel, met een rustpauze bij de club van Niel (KNRS). Via de Rupel naar de Nete. De Nete volgen tot vlak voorbij Duffel. Daar overleggen in het Netekanaal (einde van het stromend water). Rustpauze in de club van Lier (LKCA). Via het Netekanaal naar de sluis in Viersel. Daar overleggen in het Albertkanaal en dan de laatste 8 km terug richting Oelegem, naar het vertrekpunt. Meer info op de site van de organiserende club AKKC: klik hier
Avondmarathon Frisia, 22-05-2008
Mijn eerste Avondmarathon!
Een aparte ervaring, maar op zich liep het absoluut niet verkeerd.
Mijn schoonvader (Rinus) was mee om een paar plaatjes te schieten. Waarvoor mijn dank.
Het parcours liep dwars door het Amsterdamse bos. Betrekkelijk smalle kanaaltjes. Ondiep water. En te pas of te onpas een dikke begroeiing langs en over het water.
De start liet enige tijd op zich wachten vanwege een aantal deelnemers uit Leeuwarden die nog onderweg waren.
De start was gemengd (seniors, veteranen, juniors; alles startte tegelijk) en verliep ontzettend rommelig. Eerst een hele hoop gezever over een aantal boten die te ver naar voren lagen. Vervolgens vroeg de start-dame: "Are you ready?"
Maar bij de "r" van “Are” waren de eerste 4 al vertrokken. De rest van het deelnemersveld hobbelde er dan maar achteraan.
Zelf heb ik de start volledig gemist. Mijn stabiliteit laat op een aantal plekken nog te wensen over. Dat was tijdens de start goed te merken. Ik kwam in woelig water terecht en had mijn aandacht volledig nodig om rechtop te blijven. De “Supersonic-snelheid” bleef dus nog een beetje uit..
Maar goed, eens het water een beetje kalmeerde, kon ik aardig mijn tempo varen en al snel liep ik in op een aantal anderen. Ik passeerde een dame, die nog enigszins probeerde om op mijn golf mee te gaan, maar ze moest snel lossen.
Een dikke honderd meter voor mij was een groepje van vier, dat vrij snel uit elkaar viel. Eentje begon uit te lopen. Een ander begon zeer snel uit te zakken.
De uitzakker werd mijn prooi. Met een paar flinke halen kon goed op hem inlopen. Eens ik bij hem was, ben ik gelijk langszij gegaan. Hij gaf te kennen dat hij zich mispakt had aan het ondiepe water en te snel was gestart. Vervolgens heeft hij een goed plekje gevonden op mijn golf en daar is hij niet meer vanaf gegaan. Het was nog vroeg in de wedstrijd en ik kon nog flinke kracht in mijn slagen zetten. Na een kilometer of 3 liepen we dan ook in op de 2 resterende mannen uit dat groepje.
Nu waren we met 4 in een kanaaltje waar er op bepaalde stukken maar plaats was voor 2.
Vanaf dat moment begon dan ook het steekspel van positie nemen, mee surfen op de ander zijn golf, etc.
Ik heb nog 2 of 3 pogingen ondernomen om mij van dat groepje los te trekken. Ik was op hen ingelopen, dus zekere niet de mindere. Maar mijn pogingen werden altijd in de kiem gesmoord (door een stelletje veteranen, dus mannen met ervaringen).
'k ben dan maar op mijn plek blijven zitten tot aan de finish.
Meer foto's vind je door hier te klikken
In de laatste kilometer begon het prikken en ik kreeg problemen om nog goed op de golf van mijn tegenstander te blijven. Met als gevolg dat ik enigszins moest lossen. Tot aan de finish heb ik dan een goeie 25 meter moeten toegeven.
Al bij al een leuke wedstrijd. Ik vind van mijzelf dat ik, op de start na, goed heb gevaren. Ik ben momenteel niet stijf of stram. Ook de man met den dikken hamer ben ik niet tegen gekomen.
'k denk dat ik het dus goed aangepakt hebt.
Ik heb zelfs 2 korte filmpjes kunnen scoren.
D-day -1 (D-day minus one).
Morgen is de dag. De spanning begint op te lopen. Ik kijk er naar uit, ik heb er zin in.
Afgelopen week nog 3 keer gevaren.
Vrijdagavond een rondje stad (10 km), het parcours voor de Avondmarathon van de KV Trekvogels op 26 juni a.s. Dat rondje ging een beetje zoals ik reeds eerder beschreef. Het Spaarne ging prima, strak tempo (11,4 km/u). Het bolwerk en de Leidsevaart geven altijd wat problemen. Het is er ondieper, het tempo loopt een beetje terug, de armen beginnen voor het eerst te prikken. Op de Leidsevaart, tussen rechte muren, een plezierbootje. Golfjes die eindeloos tussen de muren heen en weer worden gekaatst. Onrustig water. Blijven varen en tempo houden. Dat gaat redelijk, maar de souplesse, de techniek, is er op dat moment uit. Het duurt tot de Raamsingel vooraleer ik redelijk herstel, maar het tempo terug optrekken tot 11,4 km/u zit er niet in. Ik blijf hangen op 11,2 km/u. Ook op het Spaarne kan ik het tempo niet verder optrekken. Het stuk op de Leidsevaart verliep te krampachtig en ik kom niet goed meer in het ritme. Bij de Droste fabriek kom ik een snotneus van een jaar of 15 tegen in een sloepje. Hij geeft flink gas en creëert een stevige golf. Daar gaan we weer. De grote golf van de sloep zelf is niks. Neus van de kajak een beetje in de richting leggen en floep er over-/doorheen. Maar het nadeinende water is lastig. De deining komt een beetje van alle kanten, mijn Supersonic gedraagt zich onrustig en zelf kan ik daar nog niet voldoende op inspelen. De snelheid ligt er weeral uit. Het blijft een beetje aanmodderen tot aan de club. Al bij al toch een prima training. Ik begin op één of andere manier een beetje te wennen aan dat woelige water.
maandagochtend & woensdagochtend. Telkens een half uur gevaren (voor ik ga werken). Maandagochtend richting Spaarndam / De Mooi Nel. De hemel was blauw en het water bijna als een biljarttafel, geen rimpeltje te zien. Strak tempo kunnen aanhouden. Na een half uur gemiddeld 11,46 km/u. I’m impressed!
Woensdag richting Droste fabriek. Zelfde omstandigheden. Blauwe lucht, geen golf of rimpel te bespeuren. Op de heenweg 11,58 km/u. Terug 11,51 km/u. Een totaalgemiddelde van 11,54 km/u. I’m very impressed!
De resultaten van de afgelopen dagen geven mij een goed gevoel. Hopelijk kan ik morgen tijdens de Avondmarathon hetzelfde patroon aanhouden. Ik weet ondertussen dat ik niet moet proberen om mij tijdens de wedstrijd op te jagen of extra snel te willen gaan. Het resultaat daarvan is bijna nihil. Geeft alleen maar extra pijn in de armen.
Ik moet proberen om, zoals vandaag, goed in mijn ritme en cadans te blijven.
Nog een weekje.
Vandaag donderdag 15 mei. Binnen 7 dagen mijn eerste Avondmarathon. Bij KV Frisia te Amstelveen.
Ondanks mijn eerdere meldingen over stabiliteitsproblemen, heb ik toch het gevoel dat ik er min of meer klaar voor ben.
Want buiten vaststellingen over mijn tekorten, heb ik in de afgelopen weken ook vorderingen geboekt.
Sinds de aanschaf van mijn Supersonic (nu 6 weken geleden) heb ik 120 km gevaren. In die 120 km zijn een aantal zaken structureel verbeterd.
Ik zit beter. De positie van mijn stoeltje en voetsteun heb ik een aantal keer aangepast. En naar mijn mening staan deze nu optimaal voor mij.
Stabiliteit. De eerste dagen had ik van elke drie slagen er ééntje nodig om mijn stabiliteit te corrigeren. En dat ging telkens op een stevige manier. Zo stevig dat ik veelvuldig ging overcompenseren. Eerst een slinger naar links. Overcompenseren. Daardoor een slinger naar rechts. Nog maar eens te stevig bijtrekken. Weer een slinger naar links. Enzovoort. Precies een dronkelap op het water. Momenteel heb ik daar al meer gevoel voor gekregen. Ik moet veel minder corrigeren. En als ik corrigeer blijft het effect binnen de perken.
Snelheid. Mijn gemiddelde snelheid is tov 6 weken geleden gestegen. Dat is eerst en vooral een rechtstreeks gevolg van mijn verbeterde stabiliteit. Minder corrigeren, wil zeggen meer rechtlijnige peddelslagen die snelheid ontwikkelen.
Mijn gemiddelde snelheid is omhoog gegaan van 10,6 km/u naar 11,3 km/u. Over 10,6 km doe ik nu nog 56 min en 17 sec (theoretisch), voordien exact 1 uur.
De laatste dagen slaag ik er zelfs in om over langere perioden (7 tot 8 minuten) een gemiddelde snelheid te halen van 11,6 km/u. Er zit dus nog enige vordering in de ontwikkeling van mijn snelheid. Ergens is dat ook logisch. Tot hier toe ga ik nooit tot het uiterste van mijn fysiek vermogen. Ik ben nog nooit tot op het einde geweest. Waarom? Stabiliteit. Op kortere stukken slaag ik er (redelijk vlot) in om mijn snelheid tot boven de 12 en zelf 12,5 km/u te drukken, maar daarbij begin ik aardig te slingeren. Een tekort aan stabiliteit en techniek. Om te voorkomen dat ik mijzelf foute techniek ga aanleren, laat ik de snelheid teruglopen tot een punt waar ik het technisch wel aankan.
Na de nodige kilometers zal dit punt langzamerhand verbeteren denk ik.
Al bij al ben ik wel tevreden over mijn vorderingen en ik ben dan ook zeer benieuwd naar mijn prestaties (tov andere vaarders) in de Avondmarathon van volgende week. Uiteraard zal ik daar zo snel mogelijk verslag van uit brengen.
Ps ivm peddeltechniek voor K1 heb ik een aantal aardige richtlijnen gevonden op de site fit2paddle.com . De tips vind je door hier te klikken.
Turkije
Momenteel zit ik in Turkije. Vakantie!!
Een weekje maar. Er even tussenuit voor dat onze nieuwe baby geboren wordt (in juli).
Vrijdagavond, een paar uur voor ons vertrek, nog een rondje van 10 km gevaren in Haarlem. Een stuk over het Spaarne, daarna het bolwerk over. De Leidse vaart op en via de Raamsingel terug naar het Spaarne. Over het Spaarne weer naar de club.
Het was prachtig weer en Haarlem zat dan ook vol met allerlei soorten pleziervaart. En dat heb ik geweten ook.
Over het Spaarne kon ik een betrekkelijk strak tempo aanhouden. Gemiddeld 11,3 tot 11,4 km/u. Eenmaal aangekomen op het bolwerk begon de pret. Veel bootjes, redelijk veel golfjes. Verdomd lastig in mijn K1. Nu wordt ik pas echt gewaar dat mijn stabiliteit op veel fronten moet verbeteren. Met mijn afdaler of 50-euro kajak lig ik over dit soort golfjes absoluut niet wakker en daalt mijn tempo niet of nauwelijks. Met mijn K1 moet ik ploeteren om rechtop te blijven. Voor een groot stuk zit dat tussen mijn oren. Als ik blijf peddelen, blijf ik tempo maken. Maar regelmatig grijp ik (uit voorzorg) terug naar een peddelsteun en valt mijn tempo terug naar 0. Opnieuw tempo maken kost tijd. Mijn gemiddelde snelheid viel in een mum van tijd terug naar 10,6 km/u.
De laatste 2,5 km (weg van de stad) kon ik mijn tempo terug optrekken (met langere perioden van 11,7 & 11,8 km/u), maar het totale gemiddelde tempo bleef steken op een (teleurstellende) 10,8 km/u.
57 min en 6 seconden over een rondje van 10,3 km.
Tegen de avondmarathon van 26 juni wil ik dit rondje kunnen varen in minder dan 55 min. En daar is een gemiddelde snelheid van 11,3 km/u voor nodig. In het begin zag dat er goed uit, maar eens aangekomen in de stad, werd dat een kleine ramp. En ik mag er vanuit gaan, dat de omstandigheden tijdens de avondmarathon identiek zullen zijn.
Goed weer wil zeggen: veel pleziervaart = veel golfjes.
Ik ga voor die tijd nog heel veel moeten varen om mijn stabiliteit bij te werken.
Afmetingen kuip Supersonic 202
Op verzoek heb ik vandaag de kuip van mijn Supersonic opgemeten.
Bij deze publiceer ik de afmetingen ook maar op mijn kajak log. Misschien zijn ze nog eens handig voor iemand.
De vermeldde afmetingen zijn binnenafmetingen.

De kuiplengte (a) = 98 cm
De kuipbreedte (b) = 37 cm (in de kuip) ; de kajak zelf op die plaats is 38 cm.
De kuipbreedte (c) = 23 cm. Deze plaats is ongeveer de plaats waar mijn benen in de kajak verdwijnen. Tijdens het testvaren bij Arend Bloem stond het stoeltje behoorlijk naar voren. Hierdoor werden mijn benen samengedrukt in het voorste puntje van de kuip. Nu staat mijn stoeltje maximaal naar achteren en raken mijn benen de kuiprand niet meer. Wat een comfortabeler gevoel geeft.
Looking good!
Ik weet niet waarom, maar ik heb het altijd al willen hebben. En nu, met mijn nieuwe Supersonic 202, heb ik maar eens de moeite gedaan om ze te bestellen via internet.
2 Naam stickers met een Belgische vlag erbij (zoals de rally-coureurs op hun auto hebben).


Voor diegene die het (nog) niet wisten. Ik woon dan wel in buurt van Haarlem, Nederland. Maar ik ben geboren in België en pas in mijn 23ste levensjaar verhuisd naar Nederland. Vandaar dus een Belgische vlag en geen Nederlandse.
Ik vind het er zelf strak uitzien.


Grrrrr...???...Plons...!!!...Brrrrr.
Na de fotoshoot ben ik terug gevaren naar de club (in Haarlem Noord). Daar aangekomen, bleek ik nog enige tijd over te hebben. Te weinig om nog een rondje varen, maar ruim voldoende om mijn Supersonic eens goed te testen.
Een serie starten vanuit stilstand en sprinten. Dat ging ik maar eens proberen.
Op zich niet zo’n slim idee in een K1 die je nog wel eens durft verrassen qua stabiliteit, maar goed.
De sprint leverde voor mij ongekende resultaten op. Binnen 7 sec zat ik boven de 12 km/u. Als ik dan nog eens extra aanzette, steeg de snelheid tot bijna 14 km/u. Deze sprint kon ik ca. 1 minuut aanhouden. Een sprint die mij ruim 200 meter verder bracht. En een gemiddelde opleverde van 12,65 km/u

Die K1 presteert ongelofelijk. Dat is wel duidelijk. Alleen het mannetje wat erin zit vormt hier de grote beperking.
Een volgende sprint bleef beperkt tot ca. 30 seconden, maar hierin lukt het mij om een piek te halen van boven de 15,5 km/u.
Zulke snelheden heb ik nog nooit behaald.

De sprint leverde mij aanvankelijk meer stabiliteit, tot ongeveer een 13 tot 13,5 km/u. Boven dat punt schiet mijn techniek te kort. Hier moet ik zoveel energie uit mijn lijf persen dat ik alle kanten op slinger. Het afwisselend druk zetten op mijn voetsteun wordt een wild gestamp van mijn benen. De rotatie van mijn bovenlijf een ongecontroleerde indiaanse rondedans. Weg stabiliteit! Ben + Supersonic wordt een ongeleid projectiel met hoge snelheid.
Tot hier het “Grrrrr” gedeelte.
De gevolgen laten zich raden. Bij mijn 3de (en laatste) sprint gebeurde wat gebeuren moest.
????.....Plons…..!!!!!
Het water was nat (zoals gewoonlijk) en de afstand tot de oever een meter of zeven.

Brrrrr.
De temperatuur van het water is een graad of 3 – 4. Ik had gelukkig mijn voorzorgen genomen door het dragen van een wetsuit en zwemvest (anders was ik ook niet zo ongecontroleerd te werk gegaan).
Het heeft mij, buiten een zwempartij, toch aardig wat informatie opgeleverd.
De topsnelheid van die K1 is ongekend.
Wanneer ik harder vaar geeft mij dat aanvankelijk een beetje meer stabilieit.
Als ik ooit in een wedstrijd wil sprinten, zal ik daar komende zomer nog veel op moeten oefenen.







