Category: Training
Koud Hé! Varen in de winter
De laatste dagen zie ik dat er regelmatig mensen op mijn Kajak Log terecht komen via de zoekfunctie "Varen in de winter".
Vorig jaar heb ik een kort stukje geschreven over de verlichting die ik toen gebruikte. Dat was een knipperlicht welke ik op de rechterschouder van mijn zwemvest had bevestigd (Deze voldoet echter niet aan de wettelijke omschrijving).
Hoe vaar ik in de winter? Met name de vragen: "Welke kledij draag ik in de winter?" & "Hoe zit dat nu met die verlichting?" zijn de meest gestelde en belangrijkste.
Tijdens de winter draag ik:
- een wetsuit; type "long-John" (dwz zonder mouwen). Mouwen in neopreen belemmeren de peddel beweging enorm.
- bij hevige wind en temperaturen onder de 0°C: een winddicht paddlejack
- neopreen schoenen en/of neopreen sokken
- zwemvest
Deze spullen zijn allemaal verkrijgbaar bij de betere kano-zaak en buitensport winkel.
- Onder mijn wetsuit draag ik thermische shirts (met lange mouwen) van de Decathlon
- En bij temperaturen onder de 0°C ook nog eens een fleece-trui. Maar alleen in combinatie met een winddicht paddlejack (anders neemt de fleece te veel water op en wordt zwaar en koud aan de mouwen)
- Een muts, aangevuld met een bivakmuts uit micro-fleece als de omstandigheden echt te bar worden. De bivakmuts werd verkocht op de afdeling "snowboarden" en zal dus niet snel in een kano-zaak gevonden worden. Nadeel van de bivakmuts: je ziet eruit als een bankovervaller.
- Er worden ook nog handschoenen en wanten verkocht (in Neopreen) in de meeste kano-zaken. Sinds de Elfstedentocht maakt ik echter gebruik van wielrenners handschoenen (die zonder vingers). En tot mijn verbazing heb ik daardoor niet meer de behoefte om echte handschoenen of wanten te dragen als het erg koud is (op 14 december jl. was het volgens een aantal weerkundige sites tijdens 1 van mijn vaartochtjes -4°C in Haarlem).
Verlichting.
Een stuk uit het Binnenvaart politiereglement is hier na te lezen.
Enige item daarin van belang is lid 6.
6. Een klein door spierkracht voortbewogen schip moet des nachts een wit gewoon rondom schijnend licht voeren.
Zelf heb ik dat als volgt opgelost.
Op het achterdek een wit toplicht. Gekocht voor 5€ bij de kano-zaak. Het binnenwerk heb ik gecombineerd met het knipperlicht wat ik vroeger gebruikte. Nu heb ik een permanent schijnend toplicht voorzien van LED-licht ipv een klassiek gloeilampje. Voordeel: de batterij gaat veel langer mee. Tot nu toe zit ik op een dikke 20 uur en de batterij is nog lang niet leeg.
Omdat ik met mijn lichaam het licht voor een stuk blokker. Tape ik op de voorkant nog een klein waterdicht zaklampje (van VARTA). Eveneens met LED-verlichting. Ook hier gaat de batterij al meer dan 30 uur mee.
Het zaklampje heeft weinig toegevoegde waarde. Je ziet zelf niks meer of minder, maar is voor een tegenligger al van zeer grote afstand zichtbaar. Tijdens de Elfstedentocht stond mijn vader als volgteam in Woudsend te wachten, uitkijkend over de Noarderie. Bij het opvaren van de Noarderie kon mijn vader in Woudsend het lampje duidelijk zien. Dat is een afstand van ruim 800 m.
Zwoegen zult gij...
200 km; dat is de afstand van de Elfstedentocht. Non-stop af te leggen in minder dan 36 uur, met een zeekajak.
Maar hoe doe je dat, 200 km non-stop varen?
Alles begint natuurlijk met training. Kajaktraining om precies te zien.
Ik heb altijd geleerd dat je moet trainen in de richting van je doel. D.w.z. als je een korte wedstrijd met hoge snelheid wil varen, train dan ook korte stukken met hoge snelheid. Als je veel kilometers moet varen tegen relatief lage snelheid, vaar dan als training ook heel veel kilometers tegen relatief lage snelheid.
Hoe pak ik dat aan? Als eerste punt moet je er vanuit gaan dat ik sowieso relatief veel vaar en dat mijn techniek en conditie vanaf het begin al min of meer in orde zijn. Toch begin ik mijn training kleinschalig.
Ik vaar ca. 3 keer per week. Het aantal trainingen wijzigt eigenlijk niet. Wel de duur van een training en de intensiteit. In het begin een halfuurtje, meestal ga ik dan voluit. Later wordt dat een uur. Ook hier probeer ik de snelheid naar het maximum te drukken. Wanneer dat uur goed verloopt, worden dat twee uur.
In de twee-uur sessies daalt de intensiteit al. Het doseren begint en voor het eerst komt het drinkprobleem om de hoek kijken. Ik wil zo min mogelijk tijd verspillen aan drinken. Een Camel-bak is daarbij een goede oplossing. Een drinkzak van 3 liter met een slangetje en een speen.
In mijn K1 heb ik geen plaats om mijn Camel-bak op te bergen. Hij hangt dus aan de rugzijde van mijn zwemvest. Dat is (vooral in begin van een trip) een zware massa (3 kg) die aan je rug trekt.
Voordeel van een zeekajak, zoals ik die nu gebruik. Ruimte zat om spulletjes op te bergen. Camelbak tussen mijn benen. Camelbak achter het zitje. Camelbak op het bovendek onder het netje. Ik heb het maar voor het uitkiezen. Meestal leg ik de Camelbak plat tussen mijn benen. Dan blijft het gewicht laag in de boot.
Twee uur varen & drinken. Wanneer dat goed verloopt, wordt er de laatste stap doorgedrukt. Vier uur non-stop varen (dus zonder uit te stappen).
Wat train je tijdens die vier uur?
- Je uithoudingsvermogen, maar als je twee zonder problemen uit vaart, is de stap naar vier uur niet overdreven groot.
- Je geduld. Vier uur is best lang (in vier uur tijd vlieg je naar Turkije). Er voor zorgen dat je je niet gaat vervelen of te ongeduldig wordt ("Was ik er maar al"; "Hoe lang moet ik nog?"; "Hoe lang ben ik al bezig?") is een behoorlijke opgave. Maar naarmate je vaker dergelijke lange tijd vaart, komt het geduld vanzelf. Tegen de verveling neem ik meestal mijn MP3-speler met een stevig muziekje mee. Niet te luid zetten. Is slecht voor je gehoor en je hoort achteropkomende pleziervaart niet (die hoor je over het algemeen al niet goed, zeker met tegenwind).
- Je billen en benen. Vier uur in dezelfde houding zitten is een ware klus voor je benen en billen. Je komt er snel achter of je een goede kajak hebt. Zit je na anderhalf tot twee uur nog lekker (geen houten kont; geen stramme benen), dat zit je gebakken. Dan komen de problemen over het algemeen niet meer. Kamp je echter wel met die problemen, wordt het vaak een ware lijdensweg om het zitcomfort in je kajak te verhogen. Bij deze is het geluk aan mijn kant. De Vyneck zit als gegoten. Na vier kan ik zonder problemen uit de kajak komen en vlot rondlopen zonder zere benen etc.
- Eten & drinken. Dat drinken hadden we al geoefend, dat werkt ondertussen wel. Waar laat je het eten? Ik wil tijdens het varen zo veel mogelijk mijn spullen binnen handbereik hebben. Ik stop dus zo weinig mogelijk onder het spatzeil of in de waterdichte compartimenten. Mijn eten blijft in een waterdicht zakje op het bovendek onder het netje. Kan ik tijdens het varen eenvoudig wat in mijn mond stoppen en verder peddelen.
De laatste trainingen probeer ik af te wisselen in tijd en intensiteit. En in de allerlaatste week voor het evenement, geniet ik van een weekje rust.
Langere trainingen worden moeilijker en een beetje onzinnig. De recuperatietijd na een dergelijke lange training is ook aanzienlijk langer. Uiteindelijk zou je in een situatie terecht komen waarin je te veel moet rusten en te weinig kan varen.
Wat oefen je nog in de voorbereidingsperiode?
We hadden al:
- Uithoudingsvermogen & techniek: door veel te varen dus.
- Eten & drinken. Hoe werkt het? Wat vind ik gemakkelijk? Waardoor verlies ik niet te veel etc.? Een paar keer oefenen kan tijdens de elf stedentocht al behoorlijk wat geklooi en frustratie vermijden.
Maar ook belangrijk:
- Verlichting! In de donkere uren moet je verlichting voeren. Een wit toplicht dat 360° in het rond schijnt. Kan je kopen bij de betere kanowinkels. Gewoon een lichtje of met een mastje en bijbehorende elastiekjes etc.
Zelf heb ik gewoon een licht op het achterdek, zonder mastje. Den ben ik in theorie geen 360° zichtbaar (ik blokkeer zelf het licht naar de voorkant van de kajak). Vooraan de punt kleef ik nog een waterdichte zaklamp, zodat ik ook in die richting zichtbaar ben. Zelf heb je niks aan dat lampje. Het licht schijnt de grote leegte in en de kracht gaat verloren. Meestal oriënteer ik mij op de lampjes die ik op de oever zie branden.
Dus ook in het donker varen met verlichting is best een aantal keer te oefenen. Ook dat kan behoorlijk wat frustratie voor komen.
Hieronder nog een overzicht van mijn trainingen in de zeekajak.
Nu wordt het spannend.
Ik heb de beslissing al een goede 2 maanden geleden genomen, maar er nog niks over gepost.
Eerst moesten er een paar hindernissen genomen. Maar nu ben ik bijna zeker dat het allemaal goed gaat uitpakken.
Op 4 & 5 september ga ik deelnemen aan de "Non-stop elfstedentocht voor zeekano's" georganiseerd door KV Onder de wadden te Franeker.
Bron: Website KV Onder de wadden.
Hallo deelnemers,
Hierbij een nieuwsbrief met info voor de 11 stedentocht, de tocht der tochten. Een extreme toertocht waarbij de prestatie van het volbrengen van de tocht voorop staat. Deze prestatietocht wordt georganiseerd door k.v. "Onder de Wadden" uit Franeker. Na een geslaagde try-out in 2002 is er een nieuwe jaarlijkse traditie geboren. Het is gebleken dat het mogelijk is om binnen 36 uur per zeekajak langs alle 11 steden van Friesland te varen. Dit betekent 200 kilometer peddelen over de niet stromende Friese wateren. Een tocht die nu al bekend/berucht is bij vele (zee)kanoërs vanwege zijn extreme afstand. Kijk ook eens op onze website: http://www.onderdewadden.nl.
Hierbij de meest recente info over de non-stop 11 stedentocht voor zeekajaks ...
De website
Vanaf begin augustus vindt u extra/recente info op de website, zoals de route en de locaties van de controleposten (ook handig voor de volgcrew) Hou de laatste 2 weken vooral de website in de gaten voor eventuele extra info.
Overnachten
Teams en belangstellenden kunnen vanaf donderdag t/m zondag gratis kamperen bij het clubgebouw van k.v. "Onder De Wadden" te Franeker (volg borden “Industrieterrein OOST”)
Donderdagavond vanaf 19 uur is de kantine open!
In verband met de beperkte ruimte op het kampeerveld is dit veld alleen bedoeld voor tentjes
(autos, kanos, caravans campers etc niet op het gras, wel op de parkeerplaats .
De 36 uur.
Op vrijdagmorgen 4 september zal om 09:00 uur het startsein worden gegeven waarna iedereen mag vertrekken. Voor zaterdag 5 september 21:00 uur moet elke kanoër de tocht hebben volbracht. Het is niet de bedoeling dat deelnemers onderweg gaan kamperen! Het idee is non-stop...
De route / kaart materiaal
De route is grotendeels gebaseerd op de route van de schaatsers. Echter zijn er enkele wijzigingen zoals bijvoorbeeld het deel Harlingen - Franeker, dit gaat via het Van Harinxmakanaal. Franeker is het begin- en eindpunt van de tocht. Wij raden u aan voortijdig de waterbestendige ANWB waterkaart aan te schaffen voor circa 12 euro.
De route is op het water niet gemarkeerd en de ingang van het Slotergat naar Sloten zal met behulp van kompas (of gps) moet worden gevonden in de donkere uren rondom middennacht
De controle.
Op een aantal plaatsen worden controleposten ingericht. Voor deelnemers met ervaring: De controlepost Dokkum is net zoals vorig jaar bij de ALTENA-brug in Dokkum tegenover de molen. Dit is de 2e brug bij het binnenvaren van Dokkum. De controleposten sluiten op een bepaald tijdstip, deze tijdstippen zijn ;
Dokkum - 16:00, Leeuwarden - 19:30, IJlst - 01:30, Sloten - 03:30, Stavoren - 08:30, Bolsward - 14:00, Harlingen - 19:30. Deze tijden zijn gebaseerd op een redelijke hoge eindsnelheid en gunstige weersomstandigheden.
Deze tijdstippen gelden als richtlijn... we doen niet moeilijk over 5 minuten maar er zijn grenzen indien de omstandigheden dit toelaten...
Bij Calamiteiten.
Conform de eisen voor het examen Zeevaardigheid beschikt iedere kanoër over een EHBO-trommel. Indien er grotere calamiteiten voordoen dient u uiteraard 112 te bellen voor deskundige hulp en/of de dokterswacht 0900-1127112. De organisatie is te allen tijde bereikbaar tijdens de tocht , tel 06-55584782 (Martin Mol)
De uitrusting.
De tocht dient gevaren te worden in een volwaardige zeekajak met een uitrusting conform de eisen voor het examen Zeevaardigheid…zie http://www.nkb.nl , inclusief een GSM. Deze gsm dient hoorbaar, waterdicht en binnen bereik te worden opgeborgen.
Het volgteam.
Elk team dient een eigen volgauto inclusief GSM te regelen. Het doel hiervan is behalve ondersteuning van de kanoërs (vervoer vers/extra eten, kleding, supporters.) eerste hulp verlenen bij calamiteiten van het team.
De spelregels.
Zie inschrijfformulier. Niemand vaart na de post Leeuwarden alleen verder, alleen in teamverband. Samen uit, samen thuis!
Daarnaast geldt uiteraard het Binnenvaart Politie Reglement . Voor u als deelnemer betekent dit in ieder geval het voeren van een rondschijnend toplicht in de nachtelijke uren. Als rondschijnend toplicht kunt u bijvoorbeeld 2 lightsticks (voor en achterpunt) gebruiken. Deze zijn waterdicht, branden een nacht lang en zijn niet verblindend.
Geen werkende verlichting in de donkere uren betekent einde deelname!!!
Briefing & Start
Vrijdag morgen is er om 8:30 een briefing voor deelnemers en volgploegen waarna aansluitend een groepsfoto wordt gemaakt van alle deelnemers. Hierna volgt om 09:00 het startschot waarna iedere deelnemer kan beginnen aan zijn/haar tocht der tochten….
Tenslotte
Wil iedereen controleren als het inschrijfgeld betaald is? Wij werken niet met deurwaarders en incassobureau's maar met vrijwilligers en we kunnen wel zorgen voor andere "nattigheid"....
Vragen en verder info..
Mocht u nog vragen, opmerkingen, suggesties en/of opbouwende kritiek hebben dan kunt u uiteraard altijd contact met ons opnemen.
Kanovereniging "Onder De Wadden",
John Walta
06-22996341 / johnwalta@home.nl / http://www.onderdewadden.nl
Controleer aub als uw teamgenoten deze mail ook hebben ontvangen... we willen voorkomen dat door een adresfoutje deelnemers en volgploeg geen info ontvangen..
See one, do one, teach one, but only if it's fun!
In een aantal volgende berichten zal ik posten over de voorbereidingen op dit evenement.
Aangezien ik moet beschikken over een volgteam, heb ik extra mensen nodig.
Het is een tocht per zeekano, maar ik heb alleen een K1 en wat wildwater materiaal.
Een vaste teammaat om samen de nacht door te komen is ook niet verkeerd etc.
K2 rondje met Max, 10-05-2009
Gisteren met mijn oudste zoon een rondje gevaren in de K2.
Door al dat K2-gedoe met Michiel, ligt de kajak weleens op mijn bus of thuis voor de deur (ben volop bezig om de stuurinrichting te moderniseren; aluminium ipv hout).
Dat heeft mijn oudste zoon aangestoken en hij stond erop om ook een keer mee te varen in K2.
Gisteren was dus de dag.
Vanaf de club over de Jan Gijzenkade tot aan de randweg. Vervolgens de randweg gevolgd tot aan de schaatsbaan. Daarna een keertje gestopt om wat te drinken en dan weer terug naar de club. 7,5 km op iets minder dan uur. Viel mij qua snelheid nog niet eens tegen.
Start van het nieuwe K2 project, 13-04-2009
Gisteren met Michiel voor de eerste keer in K2 gevaren, ter voorbereiding op de Veluwerally in september.
Wat meer uitleg over de ervaring volgt nog. Maar bij deze alvast een aantal plaatjes.
In het centrum van Haarlem, op het Spaarne, zagen wij een bootje voorzien van een fototoestel. Op aanvraag werden een aantal foto's gemaakt en naar ons toegestuurd.
Waarvoor mijn hartelijke dank aan Mark & Mariëlle
De volgende stap.
Een week geleden is het alweer, mijn eerste Avondmarathon. Het nagenieten is van korte duur. Het volgende item op mijn kalender staat gepland voor 1 juni en de afgelopen week heb ik mij daar volledig op gefocust.
1 juni. De ronde van Antwerpen. 75 km lang. Een toertocht welke ik wil gebruiken om mijn uithoudingsvermogen en materiaal te testen. Als ik in de toekomst wil deelnemen aan “long distance races”, moet ik goed voorbereid aan de start verschijnen. Moet mijn materiaal volledig afgestemd zijn op mijn eisen en wensen.
Ik vaar 3 tot 4 keer in de week. Over het algemeen zijn dat beperkte afstanden. ’s Ochtends een half uurtje. ’s Avonds een uur of hooguit anderhalf. Maar (tot hiertoe) nooit lange stukken van meerdere uren. Afgelopen zondag heb ik voor het eerst “het rondje Haarlem” gevaren met mijn Supersonic.
Er was veel wind en een behoorlijke golfslag op het Spaarne ter hoogte van de club en op de Mooie Nel. Met een paar keer oversteken kon ik redelijk beschut onder de oever blijven varen en had ik niet echt last van de golfslag. Daar waar ik er toch doorheen moest (om over te steken), viel dat niet tegen. Een natuurlijke, regelmatige golfslag is veel gemakkelijker te verwerken dan een onregelmatig deinende beweging. Dat geeft mij al enig vertrouwen voor “De ronde” van komend weekend. De Schelde kan er soms ook vies bijliggen als er wat wind staat.
Eens de Mooie Nel over, wordt het water veel smaller en krijgt de wind nauwelijks grip. Einde golfslag dus. Het rondje Haarlem is 20 km en dat kon ik netjes afronden in 1 uur en 52 minuten. Gemiddeld 10,7 km/u. Niet slecht, ondanks een zeer langzame start door de golfslag.
Ik heb met opzet het tempo gedrukt en mijn paddelbeweging zo vloeiend mogelijk gemaakt, toch kwam ik qua snelheid regelmatig boven de 11,3 en soms zelfs boven 11,6 km/u uit.
Ik heb de hele tijd goed kunnen varen. Nooit het gevoel gehad dat ik mijzelf (te veel) pijn deed. Behalve in het laatste kwartier. De achterkant van mijn rechter bovenbeen werd stram. Een gevolg van de “Leg drive” (het afwisselend druk zetten op de voetplaat. Bron: fit2paddle.com “Leg drive every stroke! Your leg push really initiates each stroke. No push and you lose all the power of your legs and hips, even if you're getting good rotation otherwise. A good paddler looks like a cyclist with tiny peddles”). Een tip die ik zeer nadrukkelijk opvolg maar waarvan ik ook de gevolgen draag. Tijdens “de Ronde” zal ik mijn leg drive goed moeten opvolgen en proberen niet te overbelasten.
Tijdens “de Ronde” zal ik ook mijn materiaal testen.
Ik heb een Camelbak gekocht met een inhoud van 3 liter (lees 3 kg). Deze heb ik afgelopen week op de rugzijde van mijn zwemvest bevestigd, zoals een rugzak.

Met behulp van de Camelbak kan ik tijdens het varen drinken zonder mijn handen te gebruiken. Er is maar 1 nadeel. Er hangt continue 3 kg doodgewicht aan je zwemvest. Een goede rugzak trek je dicht tegen je rug aan. Zodoende moet je niet continue voorover leunen. Tussen mijn rug en de Camelbak zit circa 3 tot 4 cm zwemvest. Het trekkend effect vergroot dus.
“De Ronde” zal dus moeten aanwijzen of deze opzet werkt.
Enig voordeel is misschien dat de massa gaandeweg de tocht zal verkleinen. Een tweede optie is om de zak maar gedeeltelijk te vullen. Tijdens de rustpauzes in Niel en in Lier kan ik de zak terug bijvullen.
Momenteel werk ik nog aan een klein buideltasje. Deze wil ik eveneens bevestigen aan mijn zwemvest. Het buideltasje wil ik vullen met hapklare snacks. Mueslirepen, chocolade, etc.
Tijdens het varen kan ik dan regelmatig iets pakken en in mijn mond stoppen. Uiteraard zal ik de mueslirepen moeten uitpakken voor dat ik ze in het zakje stop, want tijdens het varen gaat dat niet lukken. Mijn K1 is daarvoor te instabiel.
Het zakje bijvullen kan in Niel en Lier. Er zit nog een waterdichte tas in mijn K1 met een voorraad eten, maar daar kan ik tijdens het varen zelf niet bij.
“De ronde” zelf is 75 km lang en loopt vanaf Oelegem, aan het Albertkanaal, naar Antwerpen. Daar wordt overgelegd in de Schelde. Vanaf hier stromend water. Via de Schelde naar de Rupel, met een rustpauze bij de club van Niel (KNRS). Via de Rupel naar de Nete. De Nete volgen tot vlak voorbij Duffel. Daar overleggen in het Netekanaal (einde van het stromend water). Rustpauze in de club van Lier (LKCA). Via het Netekanaal naar de sluis in Viersel. Daar overleggen in het Albertkanaal en dan de laatste 8 km terug richting Oelegem, naar het vertrekpunt. Meer info op de site van de organiserende club AKKC: klik hier
D-day -1 (D-day minus one).
Morgen is de dag. De spanning begint op te lopen. Ik kijk er naar uit, ik heb er zin in.
Afgelopen week nog 3 keer gevaren.
Vrijdagavond een rondje stad (10 km), het parcours voor de Avondmarathon van de KV Trekvogels op 26 juni a.s. Dat rondje ging een beetje zoals ik reeds eerder beschreef. Het Spaarne ging prima, strak tempo (11,4 km/u). Het bolwerk en de Leidsevaart geven altijd wat problemen. Het is er ondieper, het tempo loopt een beetje terug, de armen beginnen voor het eerst te prikken. Op de Leidsevaart, tussen rechte muren, een plezierbootje. Golfjes die eindeloos tussen de muren heen en weer worden gekaatst. Onrustig water. Blijven varen en tempo houden. Dat gaat redelijk, maar de souplesse, de techniek, is er op dat moment uit. Het duurt tot de Raamsingel vooraleer ik redelijk herstel, maar het tempo terug optrekken tot 11,4 km/u zit er niet in. Ik blijf hangen op 11,2 km/u. Ook op het Spaarne kan ik het tempo niet verder optrekken. Het stuk op de Leidsevaart verliep te krampachtig en ik kom niet goed meer in het ritme. Bij de Droste fabriek kom ik een snotneus van een jaar of 15 tegen in een sloepje. Hij geeft flink gas en creëert een stevige golf. Daar gaan we weer. De grote golf van de sloep zelf is niks. Neus van de kajak een beetje in de richting leggen en floep er over-/doorheen. Maar het nadeinende water is lastig. De deining komt een beetje van alle kanten, mijn Supersonic gedraagt zich onrustig en zelf kan ik daar nog niet voldoende op inspelen. De snelheid ligt er weeral uit. Het blijft een beetje aanmodderen tot aan de club. Al bij al toch een prima training. Ik begin op één of andere manier een beetje te wennen aan dat woelige water.
maandagochtend & woensdagochtend. Telkens een half uur gevaren (voor ik ga werken). Maandagochtend richting Spaarndam / De Mooi Nel. De hemel was blauw en het water bijna als een biljarttafel, geen rimpeltje te zien. Strak tempo kunnen aanhouden. Na een half uur gemiddeld 11,46 km/u. I’m impressed!
Woensdag richting Droste fabriek. Zelfde omstandigheden. Blauwe lucht, geen golf of rimpel te bespeuren. Op de heenweg 11,58 km/u. Terug 11,51 km/u. Een totaalgemiddelde van 11,54 km/u. I’m very impressed!
De resultaten van de afgelopen dagen geven mij een goed gevoel. Hopelijk kan ik morgen tijdens de Avondmarathon hetzelfde patroon aanhouden. Ik weet ondertussen dat ik niet moet proberen om mij tijdens de wedstrijd op te jagen of extra snel te willen gaan. Het resultaat daarvan is bijna nihil. Geeft alleen maar extra pijn in de armen.
Ik moet proberen om, zoals vandaag, goed in mijn ritme en cadans te blijven.
Nog een weekje.
Vandaag donderdag 15 mei. Binnen 7 dagen mijn eerste Avondmarathon. Bij KV Frisia te Amstelveen.
Ondanks mijn eerdere meldingen over stabiliteitsproblemen, heb ik toch het gevoel dat ik er min of meer klaar voor ben.
Want buiten vaststellingen over mijn tekorten, heb ik in de afgelopen weken ook vorderingen geboekt.
Sinds de aanschaf van mijn Supersonic (nu 6 weken geleden) heb ik 120 km gevaren. In die 120 km zijn een aantal zaken structureel verbeterd.
Ik zit beter. De positie van mijn stoeltje en voetsteun heb ik een aantal keer aangepast. En naar mijn mening staan deze nu optimaal voor mij.
Stabiliteit. De eerste dagen had ik van elke drie slagen er ééntje nodig om mijn stabiliteit te corrigeren. En dat ging telkens op een stevige manier. Zo stevig dat ik veelvuldig ging overcompenseren. Eerst een slinger naar links. Overcompenseren. Daardoor een slinger naar rechts. Nog maar eens te stevig bijtrekken. Weer een slinger naar links. Enzovoort. Precies een dronkelap op het water. Momenteel heb ik daar al meer gevoel voor gekregen. Ik moet veel minder corrigeren. En als ik corrigeer blijft het effect binnen de perken.
Snelheid. Mijn gemiddelde snelheid is tov 6 weken geleden gestegen. Dat is eerst en vooral een rechtstreeks gevolg van mijn verbeterde stabiliteit. Minder corrigeren, wil zeggen meer rechtlijnige peddelslagen die snelheid ontwikkelen.
Mijn gemiddelde snelheid is omhoog gegaan van 10,6 km/u naar 11,3 km/u. Over 10,6 km doe ik nu nog 56 min en 17 sec (theoretisch), voordien exact 1 uur.
De laatste dagen slaag ik er zelfs in om over langere perioden (7 tot 8 minuten) een gemiddelde snelheid te halen van 11,6 km/u. Er zit dus nog enige vordering in de ontwikkeling van mijn snelheid. Ergens is dat ook logisch. Tot hier toe ga ik nooit tot het uiterste van mijn fysiek vermogen. Ik ben nog nooit tot op het einde geweest. Waarom? Stabiliteit. Op kortere stukken slaag ik er (redelijk vlot) in om mijn snelheid tot boven de 12 en zelf 12,5 km/u te drukken, maar daarbij begin ik aardig te slingeren. Een tekort aan stabiliteit en techniek. Om te voorkomen dat ik mijzelf foute techniek ga aanleren, laat ik de snelheid teruglopen tot een punt waar ik het technisch wel aankan.
Na de nodige kilometers zal dit punt langzamerhand verbeteren denk ik.
Al bij al ben ik wel tevreden over mijn vorderingen en ik ben dan ook zeer benieuwd naar mijn prestaties (tov andere vaarders) in de Avondmarathon van volgende week. Uiteraard zal ik daar zo snel mogelijk verslag van uit brengen.
Ps ivm peddeltechniek voor K1 heb ik een aantal aardige richtlijnen gevonden op de site fit2paddle.com . De tips vind je door hier te klikken.

































